maandag 11 september 2017

En toen was daar de volgende Nederlandse winnaar!

Toen de Nobelprijs voor de Scheikunde 2016 aan Ben Feringa werd toegekend was heel Nederland apetrots. Wauw, een Nederlandse winnaar! Toepassingen van zijn moleculaire machientjes moeten nog worden ontwikkeld. Maar in de praktische toepassing van zijn onderzoek zou hij best wel eens andere laureaten kunnen navolgen. De chemische industrie heeft zich namelijk dankzij deze wetenschappers ontwikkeld – ook op Chemelot. Hier volgt een historisch overzicht waarin enkelen van hen worden voorgesteld.

Ben Feringa

Chemische thermodynamica
De eerste Nobelprijs-laureaat in 1901 was ook een Nederlander: Jacobus van ’t Hoff. Hij ontving de prijs voor zijn werk aan de chemische thermodynamica. Dit is fundamentele kennis: zonder een goed begrip van de chemische thermodynamica kan op Chemelot geen chemische productie plaatsvinden.

Salpeterzuur
De Duitse chemicus Wilhelm Ostwald (Nobelprijs 1909) ontwikkelde het Ostwald-proces voor salpeterzuur. Tegenwoordig runt OCI Nitrogen op Chemelot drie salpeterzuurfabrieken voor stikstofhoudende meststoffen.

Ammoniak
De Duitse chemicus Fritz Haber (1918) vond (samen met Carl Bosch) het Haber-Bosch-proces uit om ammoniak te bereiden. OCI Nitrogen heeft op Chemelot twee ammoniakfabrieken in bedrijf. Ammoniak wordt op de site gebruikt voor de fabricage van diverse producten.
Later (in 1931) ontving ook Carl Bosch de Nobelprijs, samen met Friedrich Bergius, voor hun bijdragen aan de uitvinding en ontwikkeling van chemische hogedrukmethoden, die in de chemische industrie breed worden toegepast.

Colloïden
De Oostenrijks-Hongaarse Richard Adolf Zsigmondy ontving de Nobelprijs voor zijn werk aan colloïden (1925). Er zijn diverse producten op Chemelot die eigenschappen van colloïden bezitten. Een colloïde is een mengsel waarin een stof, bestaande uit microscopisch kleine onoplosbare deeltjes, is vermengd met een andere stof (lees “Scheiden doet verblijden”). Een goed begrip van colloïden is cruciaal voor de bereiding en verwerking van dergelijke producten.

Moleculaire structuren
De Nederlandse chemicus Peter Debye, geboren in Maastricht, verrichtte veel fundamenteel onderzoek naar de structuur van moleculen, waarvoor hem in 1936 de Nobelprijs werd toegekend.

Macromoleculaire chemie
In 1922 ontdekte de Duitse chemicus Herman Staudinger dat polymeren uit lange ketens van atomen bestaan. Voordien dachten wetenschapper dat polymeren clusters van kleine moleculen (colloïden) waren. In 1953 ontving hij de Nobelprijs. Tegenwoordig bestaat het grootste deel van de productie op Chemelot uit polymeren.

Polymerisatie
De Duitser Karl Ziegler en de Italiaan Giulio Natta ontvingen de Nobelprijs in 1963 voor hun ontdekkingen op het gebied van de chemie en technologie van polymeren. Zonder hun uitvindingen was er geen polyetheen, geen polypropeen en geen synthetisch rubber. Dit betekent dat veel bedrijven op Chemelot schatplichtig zijn aan deze twee laureaten. Bijvoorbeeld ARLANXEO bereidt rubber met een Ziegler-Natta-katalysator.

Moleculair machientjes
Tenslotte, in 2016, hebben we de eerste Nederlandse winnaar van de Nobelprijs voor de Scheikunde sinds 1936 en 1995 (Paul Crutzen). Ben Feringa, Jean-Pierre Sauvage en Fraser Stoddart ontvingen de prijs voor het ontwerpen en construeren van moleculaire motoren. De kennis over deze zeer kleine systemen kan leiden tot meer complexe, meer veelzijdige en effectieve moleculaire motoren binnen het domein van de nanotechnologie.
De toekomst zal uitwijzen of we er ooit in slagen om deze motoren op Chemelot of Brightlands Chemelot Campus ‘aan de praat’ te krijgen…

Lees ook “De dichter uit Duluth in 25 gedichten” over een heel andere Nobelprijs-winnaar in 2016.