maandag 26 juni 2017

Lichtend voorbeeld van een slimme stad

Steden zijn broedplaatsen voor economische groei, onderwijs, communicatie, technologische innovatie, startups en het kunstleven. Willen we de stad aantrekkelijk, bereikbaar en leefbaar houden, dan moeten we een beroep doen op slimme mensen, geholpen door slimme technologie: de Smart City. En dit geldt ook voor Chemelot en Brightlands, die deel uitmaken van het omliggende stedelijk gebied.

 Slimme verlichting op Chemelot

In maart 2017 publiceerde ABN AMRO de uitgaven “Smart City: motor van voorspoed, maar ook leefbaar (deel I)” en “Smart City: kansen en uitdagingen voor de Bouw, Logistiek en Industrie (deel III)”; deel II betreft drie online interviews. Daarin wordt gesteld dat slimme steden erin slagen de economische voordelen van de stad te koppelen aan de grote maatschappelijke uitdagingen. Denk daarbij aan energietransitie, klimaatverandering en gezond stedelijk leven. Specifiek voor Chemelot en Brightlands Chemelot Campus gaat het om duurzame productie van slimme materialen.

2 – 50 – 75 – 70
In Nederland spreken we van een stad bij meer dan 20.000 inwoners en zo gerekend woont 90 procent van de Nederlandse bevolking in de stad. Door toenemende verstedelijking – een wereldwijde trend – zal deze urbanisatiegraad nog verder toenemen. Op wereldschaal zijn de Nederlandse steden klein – de grootste stad ter wereld, Guangzhou in China telt 48 miljoen inwoners.

De aantrekkelijkheid van steden ten opzichte van het platteland zit onder andere productiviteitsvoordeel, dat wordt bereikt door drie effecten:
  • Het deeleffect (sharing)
  • Het netwerk-effect (matching)
  • Het leereffect (learning).
Bovendien zijn steden succesvoller dan het platteland, want:
  • De innovatie staat er op een hoger niveau
  • In steden starten meer bedrijven en groeien méér bedrijven door
  • Nieuwe, succesvolle bedrijven concurreren minder succesvolle bedrijven weg.
Volgens Carlo Ratti vertellen vier cijfers iets over steden: 2, 50, 75 en 70. Steden nemen slechts 2 procent van het aardoppervlak in, maar 50 procent van de wereldbevolking woont er. Ze zijn goed voor 75 procent van de totale energieconsumptie en 70 procent van de CO2-uitstoot.

En daarmee komen we aan de remmende factoren voor de groei van steden:
  • Energieverbruik en luchtvervuiling
  • Afval en leefbaarheid.
Dit biedt kansen voor juist de kleinere steden in de wereld, aangezien die factoren daar minder klemmen. En dan verkeert Nederland, met z’n relatief kleine steden, in een gunstige uitgangspositie.

Smart City
Een ideale Smart City is een stad waar het prettig en gezond wonen is, waar je kunt beschikken over betrouwbaar transport, waar (goed) werk is, waar het gezellig en veilig is. En uiteraard is het een duurzame stad.
De volgende doelen zijn voor een optimaal functionerende Smart City vooral belangrijk:
  • Economische groei. Dit betreft het investeren in communicatie en innovatie en het creëren van een gunstige plek voor bedrijven om te vestigen en te ondernemen
  • Duurzaamheid. Dit betreft het reduceren van afval, energie en grondstoffenverbruik en het streven naar een circulaire economie en het verlagen van CO2-emissies en luchtvervuiling.
  • Leefbaarheid. Dit betreft het beperken van de kosten van wonen en het terugbrengen van congestie.
Om deze doelen te bereiken is een goed doordachte, soepele en innovatieve samenwerking tussen overheden, bedrijfsleven, burgers en kennisinstituten van belang. Ook is nodig dat slim en optimaal gebruik wordt gemaakt van digitale technologieën als het Internet of Things (IoT), 3D-printing, 5G mobiel internet en alle andere zegeningen van de digitale revolutie. Daarbij hoort ook het intelligent benutten van de grote hoeveelheid gegevens die de stad genereert (big data).

Smart City in bouw, logistiek en industrie
ABN AMRO geeft voorbeelden van de Smart City in de bouw, logistiek en industrie.
  • In een aantal gemeenten lopen proeven met het verzamelen van gegevens van fietsers die zij bewust met hun smartphone verzamelen over hun fietsroutes. Hiermee is het mogelijk om de doorstroming van fietsstromen te verbeteren.
  • De MKB-maakindustrie zou binnen een regio productiecapaciteit via een marktplaats kunnen poolen. Analoog kan een competentiepool, bijvoorbeeld voor technisch personeel, worden opgezet.
  • Het ter plekke 3D-printen van producten, waardoor je ze niet hoeft te distribueren.
  • Digitale schepen, waarbij containers zijn gelinkt aan een digitaal platform, waardoor de zeevaart geoptimaliseerd wordt.
  • Slimmere logistiek in de bouw kan zorgen dat de beladingsgraad van vrachtwagens substantieel toeneemt. Een volgende stap daarbij is het inrichten van zgn. 4C-torens, Cross Channel Control Centres, waarbij niet alleen de logistiek slimmer wordt georganiseerd, maar het hele bouwproces. Het leidt tot snellere oplevering van bouwprojecten, minder (transport)kosten, minder CO2-uitstoot, minder geluidsoverlast en minder congestie op de wegen.
  • In de industrie spreekt men niet van Smart City, maar van Industrie 4.0, waarbij duurzaamheid en digitalisering centraal staan. Zo kan de onderhoudstoestand van kritische onderdelen in een fabriek, zoals pompen, afsluiters en lagers, met behulp van sensoren nauwkeurig in de gaten worden gehouden. Door gegevens slim te combineren kan het systeem attenderen op onderhoud of vervanging, voordat een storing optreedt. Dit gebeurt al op Chemelot bij het Sitech Asset Health Center, bekijk maar de video maar eens: https://youtu.be/0AJRDMIe9oM.
    Een ander voorbeeld van Industrie 4.0 volgt hieronder.
Bij de invoering van deze en andere oplossingen worden kanttekeningen geplaatst.
  • Iedereen moet aan de Smart City kunnen meedoen en ervan profiteren, ook mensen die niet digivaardig zijn of die zich zorgen maken over de privacy.
  • Het moet duidelijk zijn hoe een technologie aan de Smart City bijdraagt, anders is het niet meer dan een (dure) gimmick.
  • De overheid moet een regierol vervullen bij de aanleg van ICT-infrastructuur, zoals dat nu het geval is bij wegen en kanalen – dat kun je niet volledig aan de markt overlaten.
  • Voorlopers kunnen zorgen dat een nieuwe technologie geaccepteerd wordt, zodat ook anderen over de streep worden getrokken.
  • De industrie is toeleverancier van geavanceerde apparatuur die gebruikt wordt voor slimmere logistiek en bouw. Er is daarom voor de industrie een belangrijke rol weggelegd om de Smart City te realiseren.
  • De oplossingen moeten bijdragen aan economische groei, duurzaamheid en/of leefbaarheid.
 Chemelot by night

Sterrenhemel weer zichtbaar boven Chemelot
Ook Chemelot en Brightlands behoren tot de Smart City (oftewel Industrie 4.0). Een mooi voorbeeld is het zgn. TPPL-project (Tubular Professional Performance Lighting), een primeur in de industrie.

Dit betreft de vervanging van tl-lampen door ledlampen. Deze vervanging (17.000 armaturen voor medio 2018) leidt tot een forse vermindering van de lichtvervuiling. Ook daalt het energieverbruik met tenminste 80 procent, oftewel van bijna half miljoen euro naar 150.000 euro en uiteindelijk 50.000 euro. TL-lampen die in de fabrieken op Chemelot altijd branden worden vervangen door intelligente ledverlichting die door een slimme, draadloze aansturing alleen branden als dat nodig is. Daarbij wordt onder meer een IoT-platform gebruikt.
Bekijk de video over het TPPL-project: https://youtu.be/0YXUbrugEgM.

Lees ook “Mij gaat een licht op” en “9 Slimme diensten met dank aan big data”.

maandag 19 juni 2017

Hoe je van fauten kunt leren

Verhalen over vernieuwing zijn meestal succesverhalen. Erg leerzaam. Maar meestal houdt men achter wat er zoal misging om uiteindelijk tot succes te komen. Terwijl juist die mislukkingen waardevolle leermomenten opleveren. En daarom worden verhalen over wat misging vertelt door Paul Iske van het Instituut voor Briljante Mislukkingen.

 Paul Iske
Chief Failure Officer
Instituut voor Briljante Mislukkingen

Doorgaans wordt voor ‘mislukkingen’ het eufemisme ‘leermomenten’ gebruikt. Leren hoort onlosmakelijk bij innovatie en ondernemerschap. In 2015 werd het Instituut voor Briljante Mislukkingen opgericht om een klimaat voor ondernemerschap te bevorderen door het leren omgaan met risico’s en het waarderen en leren van mislukkingen. Oprichter is Paul Iske, bijzonder hoogleraar Organisation and Strategy aan de School of Business and Economics van de Universiteit Maastricht.

Wat is een mislukking?
Mislukkingen verschijnen in vele gedaanten en het Instituut voor Briljante Mislukkingen onderscheidt dan ook verschillende archetypen.

De Verslaving
Stoppen is ook een kunst. Achteraf is het vaak eenvoudig om te zien dat een project te lang heeft doorgesukkeld. Sommige startende ondernemers mislukken op deze manier.

De Canyon
Ingesleten patronen. Gewoontes en routines bij mensen en protocollen en procedures binnen organisaties dragen bij aan efficiënt handelen. Maar soms zien we daardoor niet meer de zaken die zich buiten de gebaande paden bevinden. De mislukkingen die hiervan het gevolg zijn, doen zich onder meer voor in de zorg.

De Zwarte Zwaan
Het onvoorspelbare. Door strak vast te houden aan een projectplan is er soms te weinig aandacht voor onverwachte ontwikkelingen in de luwte van het project.

De Zwarte Kat
Je kunt ook gewoon pech hebben. Je doet er niets tegen als het noodlot toeslaat.

De Boerenmeid
Serendipiteit: de kunst om toevallig iets belangrijks te vinden. Oftewel: “je zoekt de naald in de hooiberg en rolt er met de mooie boerenmeid uit”. Zo wilde Pfizer een geneesmiddel tegen angina, pijn op de borst en hoge bloeddruk ontwikkelen, maar tijdens de klinische tests kwam een bijwerking aan het licht, waardoor we het middel nu kennen als Viagra.

De Olifant
Verschillende perspectieven combineren. Wanneer een olifant door zes geblinddoekte mensen wordt betast, krijg je zeer uiteenlopende beschrijvingen van het beest. Pas door hun waarnemingen te combineren, komt de olifant tevoorschijn.

Timing
Te vroeg en te laat: niet op tijd. Veel vernieuwingen sneuvelen omdat ze niet op het juiste moment worden geïntroduceerd. Soms is de oplossing achterhaald, soms is de wereld er nog niet rijp voor. Zo worden nieuwe geneesmiddelen vaak (nog) niet door de zorgverzekeraar vergoed.

De Silo’s
Problemen in kennisdeling en samenwerking. Oplossingen die gezamenlijk mogelijk zijn, zie je niet als je in je eentje aan het werk bent.

De Bananenschil
Een mislukking zit in een klein hoekje. Sommige projecten dreigen te mislukken door onverwachte, in eerste opzicht kleine en onbelangrijke dingen. Zo mislukte in Nederland het alcoholvrij bier Buckler van Heineken doordat drinkers ervan in 1989 door cabaretier Youp van ’t Hek belachelijk werden gemaakt.

De Wereld Draait Door
De waarheid kan achterhaald worden door nieuwe ontwikkelingen. Het is van belang om je aannames voortdurend tegen het licht te houden van de ontwikkelingen in en buiten je werkveld.

De Lege Plek aan Tafel
Eén of meerdere sleutelpersonen zijn niet betrokken. Soms heb je bij een stakeholderanalyse toch niet iedereen in beeld. Zo worden klanten, patiënten en medewerkers nog wel eens uit het oog verloren.

De Huid van de Beer
Een Proof of Concept is nog geen Proof of Business. Juist bij opschaling of bredere implementatie zitten de grote uitdagingen. Oftewel: een laboratoriumopstelling werkt anders dan een chemische fabriek, ook al gaat het om hetzelfde reactieproces.

De Juiste Afslag
Selecteren is een kunst die het verdere verloop beïnvloedt. Het is soms lastig om de juiste afwegingen te maken in een complexe omgeving.

Humboldt
Dingen hangen met elkaar samen: IFTTT: If This, Then That. De Duitse wetenschapper Alexander von Humboldt (1769-1859) leerde ons met zijn holistische manier van denken dat veel natuurverschijnselen met elkaar samenhangen. Zaak is dit fenomeen ook bij de eigen oplossingen te onderkennen.

NT+OO=DOO
Nieuwe technologie en een oude organisatie geeft een dure oude organisatie. Naast technologische innovatie is sociale innovatie nodig om mensen te leren hoe ze met nieuwe technologie moeten omgaan.

The Winner Takes it All
Soms kan er maar één winnen.

Spaghetti
Je weet niet alle bij- en langetermijneffecten. Dit wordt veroorzaakt door complexiteit, een belangrijk kenmerk van onze wereld. De complexe wereld is niet te controleren, men moet erin leren navigeren.

Het Einsteinpunt
Je moet dingen zo eenvoudig mogelijk maken, maar niet eenvoudiger. Wie in de drang om begrijpelijk te zijn bij de vereenvoudiging van dingen te ver doorschiet, kan tot verkeerde of overhaaste conclusies komen.

Het Experiment
“If we knew what we are doing, we wouldn’t call it research”. Je kunt niet garanderen dat iets een succes wordt en juist daarom is het uitvoeren van experimenten noodzakelijk.

Brug “over” de Chulateka, Honduras

De Brug van Honduras
Een aanvankelijk goede oplossing die door factoren buiten eigen macht waardeloos is geworden. Oftewel: oplossingen hebben een houdbaarheidsdatum. Zo werd in Honduras een brug aangelegd over de rivier Chulateka. Echter, door de orkaan Mitch werd het stroombed van die rivier verlegd en bleef de brug nutteloos achter.

Leren van mislukkingen
Niet alle mislukkingen zijn briljant, maar vrijwel altijd valt er iets van te leren. Dit brengt onderzoek, innovatie en ondernemerschap verder. Vanwege de waarde van leermomenten legt het Instituut voor Briljante Mislukkingen een database aan van praktijkvoorbeelden, waarbij een of meer van de bovengenoemde archetypen om de hoek komen.
Je kunt jouw al dan niet briljante mislukking – excusé, ‘leermoment’ – aan het instituut doorgeven via www.briljantemislukkingen.nl. Hier zijn ook de al ingeleverde cases terug te vinden – doe er je voordeel mee.

maandag 12 juni 2017

Volle bak door het Heuvelland

Er wordt het nodige gepeddeld door Zuid-Limburg. Geen wonder, want het is een prachtig gebied. Daar komt bij dat er veel fietsevents worden georganiseerd en dat er van alles aan gedaan wordt om het fietsen door jong en oud te bevorderen. Een overzicht.

 Tom Dumoulin opende op 1 juni 2017
het Tom Dumoulin Bike Park in Sittard

Er zijn weinig gebieden in Nederland die fietsers zoveel genoegen schenken als Zuid-Limburg. Gevolg: alleen al met fietsers kan het er behoorlijk druk worden zodra de winter het land heeft verlaten. Naast recreatie wordt het fietsen vanuit een sportieve ambitie beoefend. Verder wordt de fiets gebruikt voor het woon-werkverkeer omwille van de vitaliteit of om de drukte op de wegen te vermijden. En er wordt in Zuid-Limburg van alles aangelegd en georganiseerd om het veilig en/of sportief fietsen te bevorderen.
Ik geef een overzicht, waarbij ik me beperk tot de zaken waarmee ik de afgelopen tijd direct of indirect werd geconfronteerd.


Tom Dumoulin Bike Park
Ik begin dichtbij huis, in mijn woonplaats Sittard. Daar werd op 1 juni de zgn. Veilige Wieleromgeving geopend door Tom Dumoulin, nadat hij de zondag ervoor de Giro d’Italia had gewonnen. Hij onthulde de naam van deze faciliteit: Tom Dumoulin Bike Park.
 
Artist impression Tom Dumoulin Bike Park
Heijmans

De faciliteit biedt fietsers, met name de jeugd een omgeving waar zij afgeschermd van ander verkeer kunnen trainen, inclusief een heuvel tot 66 m boven NAP – dé wielerwereld van Nederland. Een van de gebruikers is WCL Bergklimmers, de wielerclub waarvan Tom Dumoulin lid is.

Watersley Sport & Talent Park
Wie er ook op het bikepark komen trainen zijn profsporters die letterlijk uit de hele wereld naar Sittard komen om daar hun sport naar een hoger plan te tillen. Zij verblijven in een parkachtig sportcentrum, aan de oostkant van Sittard, het Watersley Sport & Talent Park. Hier trainen onder anderen een groep Nederlandse mountainbikers, het vrouwenteam van Sunweb en een aantal Amerikaanse wielrenners. Het Watersley R+D Team bereidt zich hier serieus voor op de Olympische Spelen in Tokio in 2020, onder wie de mountainbiker Milan Vader.


Hammer Series
Meteen al na de opening was het bikepark de belangrijkste plaats van handeling voor de Hammer Series, een wielerevenement voor profploegen – een nieuw fenomeen in Nederland. Na een klimrit in Vaals op de vrijdag volgden de sprint op zaterdag en de ploegenachtervolging op pinksterzondag. De wedstrijd werd door Team Sky gewonnen.
Het is de bedoeling dat de Hammer Series voortaan jaarlijks in Nederlands worden georganiseerd, in het weekend na de Giro. Meer informatie: www.hammerseries.com.

 
Sep Vanmarcke won op 3 juni 2017 de sprint
in de Hammer Series in Sittard

Ster ZLM Toer
Profwielrenners doen vaker Zuid-Limburg aan. Zo wordt als onderdeel van Ster ZLM Toer, een jaarlijkse ronde in vijf etappes door Zuid-Nederland, telkens de etappe Buchten-Buchten gereden, dwars door het Heuvelland. Dit jaar op 16 juni een rit van 210 km. Meer informatie: www.sterzlmtoer.nl.

BinckBank Tour
Dit is de nieuwe naam van de Eneco Tour, een jaarlijkse ronde voor profwielrenners in zeven etappes door Nederland en België. Dit jaar is op 11 augustus de etappe Sittard-Sittard, ook door het Heuvelland. Meer informatie: http://www.sport.be/binckbanktour/2017/nl.

Amstel Gold Race en toertochten
En dan is er nog de beroemde voorjaarsklassieker, de Amstel Gold Race op een zondag in april. Bij dit evenement komen daags tevoren ook de recreatieve wielrenners aan hun trekken: zij kunnen dan de toerversie rijden, waarbij zij kunnen kiezen voor verschillende afstanden, variërend van 60 tot 240 km.

En daar hoeft het voor de recreant niet bij te blijven. Er worden verschillende toertochten door het Heuvelland georganiseerd. Ik geef de chronologische opsomming die is te vinden bij VeloT, de organisatie die de belangen behartigt van de organisatoren van deze events:
  • Volta Limburg Classic Toertocht
  • Toerversie Amstel Gold Race
  • KlimClassic
  • Roger Wijnen Grenslandklassieker
  • Hago Limburgs Mooiste
  • Omloop Math Salden
  • ODS Classic
  • Boogie's Extreme
  • Mergelheuvelland 2-daagse
  • Bart Brentjens Challenge.
Enkele van deze toertochten hebben een variant voor de mountainbiker. Meer informatie: www.velot.nl.

Daarnaast zijn er nog de ontelbare toertochten die door verenigingen, bedrijven en organisaties in Zuid-Limburg worden georganiseerd voor training, recreatie, teambuilding of een goed doel. Bij dat laatste kun je denken aan orgaandonatie en de ziekte ALS.

Ironman
Een bijzonder sportevent is de Ironman Maastricht-Limburg, dit jaar op 6 augustus. Dit is een triathlon, waarbij 180 km fietsen wordt voorafgegaan door 3,8 km zwemmen en wordt gevolgd door een marathon. Deze Ironman wordt dit jaar voor de derde keer georganiseerd en biedt daarmee een vervolg op de triathlon van Stein, die in 2015 voor het laatst plaatsvond. Meer informatie: www.ironman.nl.

MP Ronde van Geleen
Een andere sportdiscipline is het baanwielrennen. In Zuid-Limburg kan dat op de baan van Laco Glanerbrook in Geleen. Deze buitenbaan ligt rond de 400 m ijsbaan. Hier vindt op 25 juni de MP Ronde van Geleen plaats. Meer informatie: http://mpfeesten.nl/mp-ronde-van-geleen.html.

Baanwielrennen kan ook op Megaland in Landgraaf.

Europees Kampioenschap Eenwieleren
Een andere bijzondere tak van sport heeft op 28 juli tot en met 6 augustus in Sittard-Geleen het Europees Kampioenschap, namelijk het eenwieleren. Meer informatie: www.ecunicycling2017.eu

NK Mountainbike
Op 15 en 16 juli vindt in Landgraaf het Nederlands Kampioenschap Mountainbike 2017 plaats. Het parcours is gelegen op de Wilhelminaberg, tussen Leisurepark Strijthagen, Megaland, Modo Verde en Snowworld Landgraaf. Dit parcours voert deels over bestaande routes en deels over routes die speciaal voor het kampioenschap zijn aangelegd door MTB Club Discovery. Meer informatie: http://mtbclub-discovery.nl/nk-mountainbike-2017.

Discovery is een zeer actieve mountainbikevereniging. Zij onderhouden vier mountainbikeroutes in Parkstad. Dwars door dit gebied wordt momenteel een nieuwe autoweg, de Buitenring aangelegd en dat betekent dat routes moeten worden aangepast. Dat is frustrerend vanwege het werk dat in vrijetijd is verzet om die routes te bouwen. Maar er staat tegenover dat ter compensatie het zgn. Funpark Brunssum kan worden aangelegd. Dit is een compact gebied waar een arena aan mountainbikeroutes zal worden gerealiseerd – de MTB-variant van het Tom Dumoulin Bike Park in Sittard.

MOZL
Eind 2015 werd de stichting Mountainbike Ontwikkeling Zuid-Limburg (MOZL) opgericht op initiatief van de mountainbikeverenigingen (waaronder Discovery) en met ondersteuning van de Provincie Limburg. MOZL beijvert zicht voor de opwaardering van mountainbikeroutes. Dit houdt in het aantrekkelijker maken van deze routes, onder andere door asfalt te vervangen door niet-asfalt. Daarbij gaan ecologie, economie, sport en recreatie prima samen. Een van de aspecten is een betere scheiding van wandelaars en ruiters. Een concreet project is de aanleg van de zgn. St. Pietersberg-route, die gaat aansluiten op een route in België. Meer informatie: www.mozl.nl.

De mountainbikeroutes in Zuid-Limburg zijn opvraagbaar via www.vvvzuidlimburg.nl/te-doen-in-zuid-limburg/mountainbiken.

Maastricht Bereikbaar
En dan is er de fiets voor het woon-werkverkeer. De meeste mensen in Zuid-Limburg gebruiken daarvoor de auto, wat tijdens de spits leidt tot verstoppingen op de wegen. Het initiatief Maastricht Bereikbaar werkt aan minder files om een gezond woon-, werk- en leefklimaat te realiseren.
Hiertoe werken overheid en bedrijfsleven samen, waaronder Brightlands Chemelot Campus. Op de campus loopt een campagne om de medewerkers de e-bike te laten ontdekken volgens het drieluik “Try one. Buy one. Ride one”. Het beoogde resultaat is dat zij (vaker) de auto laten staan en op de fiets, al dan niet elektrisch ondersteund, naar het werk komen.
Meer informatie: www.maastrichtbereikbaar.nl.

Snelfietsroute
In Zuid-Limburg worden steeds meer fietspaden aangelegd die de veiligheid van schooljeugd en andere fietsers bevorderen. Een van de projecten onder Maastricht Bereikbaar is de aanleg van de snelfietsroute Maastricht-Sittard, waarmee dit jaar nog wordt begonnen. Dit fietspad wordt aangelegd om e-bikers de gelegenheid te geven om sneller tussen beide steden te reizen, zodat deze wijze van vervoer met de auto kan concurreren.
Er bestaat ook een plan voor de zgn. recreatieve vlakfietsroute Maastricht-Aachen, die deels over oude tramtracés zal voeren.

Vrijwilligers bedankt!
Tenslotte bedank ik de vrijwilligers en sponsoren, zonder wie veel fietsevenementen simpelweg niet mogelijk zouden zijn.

Voor meer informatie over fiets-gerelateerde initiatieven in Limburg verwijs ik naar het “Limburgs wielerplan 2015-2020”: www.limburg.nl/Actueel/Nieuws_en_persberichten/2015/November_2015/Provincie_wil_meer_samenhang_in_Limburgse_wielersport?highlight=wielerplan.

maandag 5 juni 2017

Hoe het onder de grond begon

Er wordt hard aan gewerkt om Chemelot en Brightlands vooruit te brengen wat betreft innovativiteit en concurrentiekracht. Dit vergt omschakeling in doen en denken. Omschakelingen zijn verbonden met de geschiedenis van het gebied waar Chemelot en Brightlands zijn gelegen. We gaan terug in de tijd.


Staatsmijn Maurits, 1967 
DSM, www.deMijnen.nl

De voorgeschiedenis van het gebied tussen Geleen, Urmond, Stein, Elsloo en Beek gaat terug tot vóór het begin van onze jaartelling. Bij grondwerkzaamheden voor de nieuwbouw van het kantoor voor ARLANXEO op Brightlands Chemelot Campus werden in 2012 resten blootgelegd van gebouwen, waarschijnlijk een boerenerf, die stammen uit de IJzertijd (800-50 v.Chr.). Rondom de gebouwen lagen grote kuilen die op basis van aardewerkscherven eveneens in de IJzertijd gedateerd kunnen worden.
Tot in de twintigste eeuw bleef dit een agrarisch gebied.

Eind negentiende eeuw waren enkele Duitse en Belgische bedrijven begonnen met steenkoolwinning in Zuid-Limburg. Geologisch gezien vormen de Belgische Kempen, Zuid-Limburg en grote delen van de Duitse deelstaat Nordrhein-Westfalen één steenkoolrijk gebied. De Nederlandse overheid onderkende het strategisch belang van steenkool en ging over tot de oprichting van De Staatsmijnen (later DSM) in 1902. In de Oostelijke Mijnstreek opende DSM drie steenkoolmijnen, lees daarover “Breuken in het Heuvelland”. Ruim tien jaar later richtte DSM zijn blikken ook naar de Westelijke Mijnstreek, met name op Geleen.

Een vierde staatsmijn
De gemeenteraad van Geleen tekende in Den Haag protest aan tegen de mogelijke vestiging van een mijnzetel binnen haar rustige, behoudende agrarische gemeenschap.
Uit de brief van het gemeentebestuur Geleen, 14 maart 1908:
Maar laten wij eens zien de nadeelen die Geleen van de mijnen zou lijden. Over de moreele nadeelen zullen wij eens niet spreken maar de materieele slechts dit ééne: Waar moeten de landbouwers komen aan werklieden voor hunnen landerijen. Hoeveel zullen zij deze moeten betalen. Neen Geleen is ons te lief met zijne gezonde brave en welvarende bevolking om deze te verlagen tot mijnslaven.
In de gemeente Sittard groeide ondertussen de hoop dat de ‘buit’ kon worden binnengehaald en bij Koninklijk Besluit van 12 maart 1915 ging de kogel door de kerk. De vierde staatsmijn kwam in Lutterade, ten westen van Geleen. Van daaruit bestonden de beste mogelijkheden om de zogeheten Maasvelden te ontginnen. Eén jaar later kreeg deze mijn de officiële naam Staatsmijn Maurits. Het werk richtte zich in eerste instantie op het afdiepen van twee schachten die toegang tot het zwarte goud zouden bieden.
Op 1 januari 1926 ging de exploitatie officieel van start.

Ondergrondse opname Staatsmijn Maurits 1960
DSM, www.deMijnen.nl

Het hoofdgebouw
In 1922 werd in Geleen de eerste steen gelegd voor het hoofdgebouw van de Staatsmijn Maurits. Vanaf de opening in 1924 tot aan de sluiting van de mijn op 1 september 1967 vormde dit het ‘zenuwcentrum’, waar niet alleen de bedrijfsleider, hoofdingenieur, opzichters en het bedrijfsbureau gehuisvest waren, maar waartoe ook het gigantische badgebouw behoorde (inmiddels gesloopt).

Het hoofdgebouw is een ontwerp van de Amsterdamse architect Leliman. Hij was een vertegenwoordiger van de Amsterdamse School, die zich afzette tegen de neogotiek en neorenaissance van rond de eeuwwisseling. Met Berlage als voorman werden de ontwerpen van deze school rationalistischer, met schoon metselwerk. Boven de massieve houten voordeur is in stijl de naam Staatsmijn Maurits gemetseld. Daarboven vier gevelbekroningen, voorstellende de “Mijngod”, van de hand van de Amsterdamse keramist Willem Coenraad Brouwer uit 1923, lees “De ontdekking van de Mijngod".
Vanaf 1937 werd het gebouw gefaseerd uitgebreid, zo kwam er onder meer een nieuwe loonhal bij.

Nieuwe loonhal Staatsmijn Maurits, 1952
DSM, www.deMijnen.nl

In de loonhal kregen de mijnwerkers op zaterdag letterlijk hun loon uitbetaald. Daartoe werden voor de kantoren van de opzichters koperen hekwerken geplaatst, waarlangs de ‘ondergronders’ op volgnummer hun loonzakje gingen halen. Langs de muren van de (oude) hal zijn nog steeds de houten banken aanwezig waarop de mijnwerkers op hun beurt konden wachten.
Begin jaren ’60 werd de (oude) loonhal verfraaid met een glaskunstwerk van Eugene Quanjel. Het draagt de titel ‘Carboon’ en beeldt het ontstaan van de kolenlagen uit. Bijzonder is dat gebruik werd gemaakt van een speciale, binnen DSM ontwikkelde techniek, waarbij de gekleurde delen tussen twee glasplaten zijn gelijmd.

J. Kleynen, opbraakseingever, bij kledinghaak in
het badlokaal van de Staatsmijn Maurits, 1948
DSM, www.deMijnen.nl

Achter de loonhal lag een gigantische kleedruimte, omringd met baden voor alle rangen en standen. Het originele ontwerp was bemeten op ca. 4000 medewerkers (er werd in drie ploegen gedurende zes dagen gewerkt). Iedereen had zijn eigen kledinghaak, die aan een ketting omhoog werd getakeld waarna deze met een veiligheidsslot werd vastgelegd. Daarmee hingen de kleren letterlijk hoog en droog.

Lampisterie op de Staatsmijn Maurits, 1938
DSM, www.deMijnen.nl

Voordat zij naar het kleedlokaal gingen, haalden de kompels hun identiteitspenning op. Nadat ze zich hadden omgekleed, vertrokken zijn naar de lampisterie waar ze de noodzakelijke verlichting meekregen. Vervolgens stelden de kompels zich in colonne op in de loopbrug naar de schacht: vooraan de ploegen die ondergronds het verste moesten reizen. In de hoogtijdagen, begin jaren vijftig, werkten ca. 5700 arbeiders ondergronds en 3400 bovengronds. ‘De Maurits’ was Europa’s meest moderne, veilige en efficiënte mijnen.

Einde mijnbouw
Nadat in 1957 een topproductie werd gehaald, waren de gloriejaren van de Nederlandse Staatsmijnen snel voorbij. Op 29 mei 1959 werd in de akker van K.P. Boon in Slochteren het eerste Gronings gas ontdekt. Mede als gevolg van de opkomst van dit aardgas en aardolie, ontstond overproductie. Vandaar dat in 1965 werd besloten dat de staatsmijnen dichtgingen. Minister van Economische Zaken Joop den Uyl kwam op 16 december 1965 naar Heerlen om dit nieuws in de schouwburg te brengen. Daarna werden op 17 juli 1967 de laatste kolen uit ‘de Maurits’ gehaald.

Watertoren van Staatsmijn Maurits, 1955
Monument Gemeente Sittard-Geleen

Mijnverleden
De loonhal Maurits aan de Mijnweg in Geleen is een van de weinige herinneringen aan het mijnbouwverleden op Chemelot, in heel Zuid-Limburg zelfs. Het is gedeeltelijk een rijksmonument, met name de voorgevel en de banken binnen.

Daarnaast zijn er nog vijf gemeentelijke monumenten op of nabij Chemelot aanwezig: de constructiewerkplaats, de watertoren, het mijnmonument, het Barbara-monument en het mozaïekmonument. De constructiewerkplaats achter de loonhal dateert uit de beginperiode van de mijnbouw. Bijzonder zijn de oorspronkelijke staalconstructie, bestaande uit geklonken en geschroefde onderdelen, en de nog oorspronkelijke kozijnen en ramen in de gevels. De bijzondere 30 m hoge watertoren, eveneens achter de loonhal, werd iets later gebouwd. Het mijnmonument in de wijk Mauritspark van Eugene Quanjel dateert van 1937. Hierop worden “Landbouw” en “Mijnindustrie” verbeeld. Het Barbara-monument staat in het plantsoen tegenover de ingang van de loonhal en werd in 1951 door de kunstenaar Wim van Hoorn in opdracht van het personeel van de Staatsmijn Maurits gemaakt. De heilige Barbara gold als beschermheilige voor de mijnwerkers (en andere gevaarlijke beroepen) , lees “De ontdekking van de Mijngod”.

Mozaiekmonument Harry Schoonbroodt, 1953
www.koelpiet.nl

Het mozaïekmonument op het kruispunt van de Mijnweg en de Tunnelstraat werd in 1953 opgericht als jubileumgeschenk van de Geleense burgerij aan de Staatsmijnen en werd gemaakt door de kunstenaar Harry Schoonbroodt. Het monument draagt de tekst: “De landman ploegt niet meer zijn voren, want wijken moest het wuivend koren. God blijv’ ons geven arbeidsvreugd en schenke toekomst aan de jeugd.

...en schenke toekomst aan de jeugd
Niet als mijnwerker, die mogelijkheid viel in 1967 definitief af. Maar wél als procesoperator of in een van de vele andere beroepen die rond de (voormalige) Staatsmijn Maurits ontstonden.
Feitelijk waren die beroepen al sinds de stichting van de mijn ontstaan, want mét de mijnbouw ontstond hier de chemie…

Ga naar www.demijnen.nl om zelf op zoek te gaan naar foto’s uit de mijntijd.