maandag 31 maart 2014

Te voet door het Heuvelland

Wandelen is een mooie bezigheid voor wie graag buiten is. Je hebt alle gelegenheid om de omgeving in je op te nemen en het is prima te combineren met een goed gesprek. Dit blog is voor wie zich afvraagt: waar gaan we die wandeling maken?


Hoewel ik graag op de renfiets zit, ga ik ook regelmatig wandelen. Tot enkele jaren geleden gingen we op pad met 1 : 25.000 stafkaarten, op zoek naar tussendoor-paadjes, dwars door het Zuid-Limburgse landschap. Paadjes door weilanden, via de befaamde stegelkes (draaihekjes), tussen heggen, via nauwe doorgangen tussen woningen die uitkomen op smalle voetpaden.
Prachtige vondsten, ware kleinoden!

Wandelgidszuidlimburg.com
Maar het valt niet mee om telkens dat soort paden te ontdekken. Gelukkig werd ik door mijn collega W.V. – die we toevallig tijdens een wandeling tegenkwamen – gewezen op de website www.wandelgidszuidlimburg.com. Dé bron voor prachtige wandelroutes in Zuid-Limburg. Je vindt er zevenhonderd (700) wandelroutes, in lengte variërend van 5 à 6 kilometer tot 15 kilometer en meer.
De website wordt samengesteld door Jos Wlazlo, die daarmee de Innovatieprijs 2013 van VVV Zuid-Limburg in de wacht sleepte. Wat mij betreft terecht.

Route 92. Gronsveld 10,7 km
Ik geef een willekeurig voorbeeld: Route 92, een wandeling van zo’n elf kilometer vanuit Gronsveld. Het is een pittige boswandeling met hellingen door het Savelsbos. Je komt langs de Scheggelder en Schone Grub en over de Trichterberg. Via Rijckholt loopt je weer terug.
Ik zou zeggen, zoek die route maar ‘ns op.

Gronsveld maakt misschien niet zo’n spectaculaire indruk. En inderdaad, vanuit bijvoorbeeld Noorbeek, Slenaken, Epen of Vijlen zijn wellicht mooiere wandelingen te maken. Maar ik kan Route 92 zonder meer aanbevelen. Bovendien is het startpunt voor menigeen gemakkelijker bereikbaar dan de genoemde plaatsen.

Wij liepen Route 92 in december, waarmee ik wil zeggen dat zulke wandelingen ongeacht het seizoen de moeite waard zijn. Bij druilerige regen is er niet veel lol aan, maar voor een buitje, koude, hitte of wind blijven wij niet thuis.

De wandeltocht voert eerst langs Huis de Beuk, het witte huis dat je misschien op de afbeelding hierboven kunt ontwaren. Dit is een voormalige boswachterswoning uit 1848. De woning is door enkele leden van de jagersvereniging prachtig opgeknapt.

Vlak daarna loop je langs een grot die ooit als champignonkwekerij werd gebruikt.

Verderop voert de route langs het geologische monument kalksteengroeve Trichterberg, waar ooit in dagbouw kalksteen werd gewonnen.

Korte tijd later loop je voorbij een ander geologisch monument, te weten grindgroeve Savelsbos, waar – logischerwijs – grind werd gewonnen.

Als je het kruispunt van bospaden bij “de Veer Sjtejn” bent gepasseerd, kom je langs een grafheuvel uit de Bronstijd (2100-700 v. Chr.), die zelfs voor een leek als ik gemakkelijk in het landschap is te herkennen (als je ’t eenmaal weet).

Een stuk verderop passeer je de kiezelgroeve Rijckholt.

De meest bijzondere plaats waar deze wandeling je brengt, is de Henkeput. Dit is een ongeveer 12 meter diep zinkgat dat bestaat uit een open trechtervormige kuil die overgaat in een cilindrische schacht. De schacht geeft toegang tot een koepelvormige ruimte. Een soort mini-versie van de Gouffre de Padirac in Frankrijk (die volgens de Michelin-gids ‘een reis waard’ is).

In de slotetappe voert de wandeling langs een voormalig zusterklooster, dat in 1912 door de Franse slotzusters Dominicanessen is gebouwd. Het klooster heette toen Val Sainte Marie (Mariadal). Van 1923 tot 2003 was het klooster in het bezit van de Zusters onder de Bogen en heette Klooster Huize Immaculata.

Sta even stil bij het wegkruis dat daarna komt. Immers, wanneer de inwoners van Rijckholt vroeger kiespijn hadden, kwamen ze bij dit wegkruis bidden.

Het kan niet op, want tenslotte, aan de rand van Gronsveld, kun je nog een bezoekje brengen aan het Europapark. Dit anderhalf hectare grote park werd in de jaren 1935-1940 aangelegd door de Gronsveldse industrieel Albert Hayen. De van oorsprong Engelse tuin is ontworpen door ing. Fokker uit Den Haag. Het woonhuis en park werden na de dood van Hayen verkocht aan de voormalige gemeente Gronsveld. Het woonhuis deed dienst als gemeentehuis en later als restaurant. Het park, een klein arboretum, telt zeker 25 verschillende bomen. Leuk, maar niettemin was ik er al talloze keren langs gefietst zonder het op te merken.

Uiteraard volgen wij altijd nauwgezet de aanwijzingen in de routebeschrijving. Bijzondere aandacht gaat daarbij uit naar de laatste instructie: “…en u komt weer bij het café waar u nog iets kunt eten of drinken.” Na het lopen van Route 92 belandt je zo in eetcafé De Kwizzenjèr. Meermalen reed ik erlangs en nu zit ik er aan een lekker en verdiend biertje.

Kortom
Ben je op zoek naar een leuke wandelroute in Zuid-Limburg – en die zijn er dus plenty – dan blijkt het internet een fantastische bron. Mijn complimenten voor Jos Wlazlo!

Vraag: hoe kies jij je wandelroutes?

maandag 24 maart 2014

Van visvijver naar Toverberg

Twee jaar geleden, in 2012, gaf Nederland zich massaal over aan de ijspret. Ik heb in dat plezier gedeeld, maar door een ongelukkige val was het schaatsseizoen opeens voorbij. Door dat voorval belandde ik op de Toverberg.


ONGEVAL 4 (schaatsongeval)

De toedracht
In de winter van 2011-2012 was het weer eens mogelijk om op natuurijs te schaatsen. In februari had ik op een maandag verlof genomen om vanuit Wanneperveen de Vijfmerentocht te schaatsen. Dit was mijn eerste toertocht op natuurijs ooit en ik vond het een fantastische ervaring, die tweemaal 25 km op de schaats! (ik deed de ronde namelijk tweemaal).

De zaterdag daarna had ik wél veel zin om te schaatsen, maar niet om er zo ver voor te rijden. Dus bleef ik in de buurt: visvijver De Driepoel in Geleen. Oké, er zaten veel scheuren in het ijs, maar dat heb je nou eenmaal met natuurijs.

Een paar rondjes, langer duurde het niet voordat mijn schaats in een scheur wegzonk en ik als een raket werd gelanceerd. Boem, met mijn rechterheup op het ijs. Ik werd voorzichtig overeind gehesen door een andere schaatser. Ik strompelde de paar honderd meter terug naar mijn uitgangspunt, maar het ging niet meer.

Bij mijn spullen was een jonge moeder met kinderen en een sleetje. Ik vroeg of ik op dat sleetje mijn schaatsen mocht uitdoen. De schaatser die mij zojuist had 'opgeraapt', kwam ook weer kijken.

Op wonderlijke wijze was ik in goede handen gekomen. De jonge moeder bleek een verpleegkundige, de schaatser was H.G., werkzaam bij ambulancezorg Zuid-Limburg. Zij ontfermde zich over mij en mijn spullen, hij belde een ambulance.
Langs deze weg betuig ik (nogmaals) mijn dank aan hen beiden.

De ambulance bracht mij naar het ziekenhuis in Sittard, het nieuwe Orbis. Er werden röntgenfoto’s genomen.

De schade
Ik had rechts een gebroken dijbeen, gebroken bovenaan, vlakbij de kop die in de heup draait.
Latijnse benaming: femur (botbreuk 8).

Het herstel
De val was omstreeks 11:30 uur en omstreeks 17:30 uur lag ik op een operatietafel. Je kunt zo’n breuk niet in het gips zetten. In plaats daarvan wordt het ‘zaakje’ met een zgn. dynamische heupschroef weer aan elkaar gezet. Zes weken lang mocht ik mijn rechterbeen niet belasten.

Het herstel startte op de afdeling Orthopedie, waar ik tot woensdag moest blijven om te leren kruklopen, ook op een trap. Deze afdeling is zonder twijfel de gezelligste van het hele ziekenhuis. Immers, iedereen moet oefenen om zijn of haar heup of knie weer soepel en sterk te krijgen. Dat betekent met z’n allen rondjes maken over de afdeling, gesteund door looprek, rollator, krukken of familielid. En dat leverde mij veel gesprekken met lotgenoten op. Ik waande mij enkele dagen lang Hans Castorp op de Toverberg.

De nasleep
De nasleep laat zich in één woord samenvatten: terugknokken. Aan de door de chirurg gegeven belofte van uitzicht op volledig herstel verbond ik voor mezelf de opdracht: “In juni staat deze jongen weer met z’n racefiets bovenop een Franse col.

Zo snel mogelijk fietste ik weer, een beweging die mij goed afging, omdat deze het heupgewricht niet bijzonder belast. En inderdaad, op 10 juni 2012 fietste ik vanuit Morzine naar de Col de Joux Vert, zo’n 800 hoogtemeters, niet geteld de extra hoogtemeters naar het wintersportoord Avoriaz.
Ik schaatste weer in seizoen 2012-2013.

Ik probeer het nu – zonder angstvalligheid – bij deze botbreuk te laten. Ik waag me niet nog eens op natuurijs vol scheuren, maar wél kijk ik nog steeds met plezier terug op de Vijfmerentocht 2012.

“Je mag nog van geluk spreken, want...”
...Want je had wel met je hoofd op het ijs kunnen vallen!

Vraag: waardoor ben jij voorzichtiger geworden?

Behalve de hierboven genoemde personen bedank ik (nogmaals) het medisch en verplegend personeel van Orbis Medisch Centrum.

Lees mijn blog 16 september 2013 voor de herinneringen bij mijn eerste botbreuk, die van 16 december 2013 over hoe een tweede botbreuk mij de liefde voor atlassen bijbracht en die van 27 januari 2014 over hoe botbreuken mij op de Kale Berg brachten. Wat het thema botbreuken betreft wil ik het hierbij laten.
Overigens, ik deel mijn onfortuinlijke lotgevallen niet om daarmee de indruk te wekken dat ik meer pech zou hebben dan wie dan ook, integendeel.

maandag 17 maart 2014

Scanning the Future

"Prediction is difficult, especially when dealing with the future," Mark Twain wrote. Yet people try to imagine the future. And the nice thing is, the future can be scanned with scenarios and utopias.



The future is uncertain and gives rise to anxiety, both personally and collectively (society). To deal with this anxiety, singing Christian hymns may be enough for some people. But apart from this personal, religiously determined framework, there is the desire to scan the future. In this context, the scenario and the utopia present a remarkable contrast.

Scenarios and Utopias
Policy makers in governments and companies develop images of the future to anticipate as good as possible what may be expected: more or less car traffic, more or less need for medical care, more or less sales of a certain product, etcetera. These images are cast in the form of scenarios. Trends, preferences, and the like are converted into something measurable, into numbers. Then, these numbers are extended to the future, they’re extrapolated.

Philosophers and novelists also develop images of the future, to express as good as possible how people should live together: who’s in charge, how to encourage desirable behavior of the people, how can one be happy, etcetera. These images are cast in the form of utopias, in some cases dystopias to delineate an undesirable image of the future. Stories are told about how people should live together in an ideal world. The word ‘utopia’ is taken from the book “Utopia” by Thomas More (1516).

In a library you find scenarios in the ‘Nonfiction’ department, utopias in ‘Fiction’.

Typically, a scenario doesn’t come alone. One scenario is developed in which the most probable future is described, and a positive (optimistic) and a negative (conservative) analysis is added. Scenarios are exploratory: new insights, trends, preferences, etc. may lead to adjustments.

A utopia always comes alone, because it presents a normative image of the future: it’s the image of the best world possible. A utopia is all-embracing and the adjustment of a part of it will undermine the whole image of the future.

Scenarios are built on today and relate to an immediate future, regardless of how long the timeline is stretched. Utopias are positioned in an undefined 'today’, a distant future or a distant past; the foundation in the everyday reality is weak.

Scenarios are open. They’re not aimed at improving the world, although a better world could be the additional effect; that’s a bonus. People are always better off with a scenario than without, because they help to make the right decisions. If a scenario doesn’t come true, because reality proves different, the scenario is adjusted. Societal and other changes that are exposed by scenarios, usually occur gradually.

Utopias are closed. They’re also aimed at improving the world, but sometimes undesirable side-effects must be taken for granted; that's bad luck. In a utopia people are often worse off than elsewhere, because to realize the desired image of the future, mankind is forced into a straightjacket. People don’t make decision of their own, they don’t even have to think, because they meekly follow the rules that come with the utopia. Anyone who doesn’t fit into the utopia awaits expulsion, detention, the prison camp, the death penalty. The realization of the utopian world demands an abrupt break with the everyday reality.

The scenario is a complicated computer model – a utopia is a dream (or nightmare).

Scenarios are useful tools in the hands of managers – utopias include political visions that give directions to political leaders (tweet this).

Thinking Scenarios
You may conclude now that I’m not particularly charmed by the worlds of utopias, such as “1984” by George Orwell (1949), “Brave New World” by Aldous Huxley (1932), and the above-mentioned “Utopia”. You agree, I guess, and, like me, you don’t find these worlds very attractive.

On the other hand, I’m fond of scenarios. A company that is traditionally strong in developing scenarios and shares them publicly is Shell. Last year, this company published the so-called Lens Scenarios. In this publication two scenarios, Mountains and Oceans, are being compared.

Mountains is the world of the status quo: the power is firmly in the hands of the elite. Stability at any price: the rulers align their interests in such a way that raw materials become available only gradually and sparsely; this process is not dictated by the market. The resulting rigidity of the system reduces the economic dynamics and smothers the social mobility.
In Oceans the influence extends widely over the world population. Power is divided, competing interests are solved, and compromise is king. The economic productivity surges on a huge wave of reforms. But the social cohesion is under pressure and politics are destabilizing. This results in stagnating developments in several political areas and in the unbridled influence of market powers.

Shell demonstrates that these scenarios are useful starting points for developing images of the future, which would take too long to elaborate in this blog post.

Question: what form of thinking scenarios (instead of Shell) appeals to you? Or would you rather live in a utopia (and which one would that be)?

This blog post is a repost of my (Dutch) January 20, 2014 post.
Read my May 20, 2013 blog post about the reason why of my English reposts.

maandag 10 maart 2014

Tegen het democratisch tekort

Op 19 maart 2014 zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Raadsleden hebben belang bij een krachtig mandaat van de kiezer, want ze staan voor moeilijke keuzen. Decentralisatie van rijkstaken en samenwerking tussen gemeenten zetten gemeenteraden onder druk. Hoe kijken de politieke partijen in Sittard-Geleen daar tegenaan?



Al eerder deed ik een krachtig beroep op jou om te gaan stemmen, ik verwijs naar mijn blogs van 24 februari en 3 maart 2014. Volgens mij zijn er twee thema’s waar het bij de komende verkiezingen écht om gaat.

Allereerst de decentralisatie van rijkstaken in het sociale domein – de Wet werken naar vermogen (Wwnv, Participatie), de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ), de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de jeugdzorg – naar gemeenten in 2015, die gepaard gaat met forse kortingen op de budgetten. Gemeenten moeten hetzelfde (of misschien zelfs meer) doen voor hetzelfde geld. Voorzover dat niet wordt opgelost door efficiencyverbeteringen gaat dat waarschijnlijk ten koste van andere gemeentetaken. Het is aan colleges en raden om de juiste prioriteiten te stellen.

Het tweede punt van zorg is de toenemende samenwerking tussen gemeenten op talloze gebieden. Enerzijds is die samenwerking in zgn. gemeenschappelijke regelingen ongetwijfeld onontkoombaar om die taken kosteneffectief te kunnen uitvoeren. Anderzijds onttrekken die samenwerkingsverbanden zich aan de democratische controle door raadsleden, mede doordat vaak de bestuurders namens hen de gemeente vertegenwoordigen.

Ik wilde weten hoe de politieke partijen in Sittard-Geleen daarover denken en ik las hun verkiezingsprogramma’s erop na. Wat is hun medicijn tegen een dreigend democratisch tekort?

1. GOB
Coalitiepartij GOB wijst erop dat de participatiemaatschappij eraan komt en dat de verzorgingsstaat verleden tijd is. Burgers moeten breder zelf verantwoordelijkheid nemen. De kortingen op de budgetten moeten worden doorvertaald naar een aanpak op wijk- en buurtniveau om zo efficiëntie en effectiviteit te bevorderen.
De samenwerking tussen de gemeenten in de Westelijke Mijnstreek moet worden versterkt, met name op operationeel gebied; schaalvergroting is onontkoombaar. Op Zuid-Limburgs niveau moet de samenwerking op strategische gebieden – economie, zorg, onderwijs en volkshuisvesting – verder worden uitgewerkt volgens de aanpak bij LED (Brainport Zuid-Limburg). Daarnaast moet volgens GOB verder worden gewerkt aan de uitbreiding van shared service centra, waardoor efficiëntere dienstverlening voor de overheden wordt gerealiseerd.

2. CDA
Coalitiepartij CDA spreekt over het ontstaan van een netwerksamenleving. Om de kortingen op de budgetten te kunnen opvangen, moet op een slimme manier een beroep worden gedaan op sociale netwerken en individuele burgers. Rechten en plichten, normen en waarden gaan daarbij hand in hand.
Het CDA wijst op de samenwerking met andere gemeenten rond de bibliotheek en de muziekschool.

3. Stadspartij
De Stadspartij – een oppositiepartij – wil bezuinigen op bestuurslagen, want dan is er voldoende budget om de kortingen op te vangen.

4. GroenLinks
Volgens coalitiepartij GroenLinks staat de gemeente de komende jaren voor zware opgaven: meer taken uitvoeren, met minder geld. Om te kunnen blijven zorgen voor een goede dienstverlening aan de bewoners, zal volgens deze partij samenwerking met andere gemeenten nodig zijn. De inwoners van Sittard-Geleen moeten daarvan zo weinig mogelijk merken. GroenLinks wil alles zo dicht mogelijk bij bewoners organiseren: voor de partij staat de menselijke maat voorop.

5. PvdA
‘Eén gezin, één plan, één regisseur’ is voor coalitiepartij PvdA het uitgangspunt bij de decentralisatie in het sociale domein. Dit vergt ook één budget en één verantwoordelijke van overheidszijde. In dat kader is van belang dat sport voor iedereen toegankelijk en bereikbaar is. Sittard-Geleen wordt JOGG-gemeente (Jongeren Op Gezond Gewicht).
Uitgangspunt voor de PvdA is dat we met minder bestuurslagen toe kunnen. Leidraad is daarbij een duidelijke keuze voor decentralisatie, omdat het lokaal bestuur het dichtst bij de burgers staat.
Bij de samenwerking met (buur)gemeenten, provincie en waterschap staat efficiency en effectiviteit in de bedrijfsvoering centraal.

6. VVD
Echte jeugdzorg, gehandicaptenbeleid, ouderenbeleid, club- en buurhuiswerk, kinderopvang, integratie, etc. hebben bij oppositiepartij VVD nadrukkelijk aandacht. Nu de rijksoverheid allerlei taken in deze naar de gemeenten decentraliseert met minder geld, wil de VVD dat deze taken transparant en effectief georganiseerd worden. De VVD is alleen voorstander van samenwerking met andere gemeenten als dit voordelen geeft in effectiviteit en efficiency. Maar dan wel met rechtstreekse verantwoordelijkheid naar de gemeenten en niet op afstand. De raad moet controlemogelijkheid behouden.

7. D66
De democratische legitimiteit en controleerbaarheid van gemeenschappelijke regelingen moeten volgens oppositiepartij D66 beter worden gewaarborgd, met name door concrete afspraken met afgevaardigde bestuurders. Sittard-Geleen kan een centrumfunctie vervullen voor de omliggende gemeenten. D66 wil voorkomen dat de rijksbezuinigingen worden gecompenseerd door een onbegrensd beslag op de schaarse algemene middelen en grepen uit de reserve.

8. SP
Voor oppositiepartij SP is van belang dat in samenwerkingsverbanden de autonomie van de gemeente zoveel mogelijk gegarandeerd blijft. Wat de decentralisatie aangaat moet het geld dat van het rijk komt en waarmee Sittard-Geleen al haar zorgtaken moet uitvoeren ook daadwerkelijk aan zorg worden uitgegeven. Sittard-Geleen moet haar zorgtaken zoveel mogelijk zelf uitvoeren en niet overlaten aan de markt.

9. DNA Partij
De nieuwe partij DNA staat voor meer creatieve oplossingen op het gebied van structurele financieringstekorten om dringende problemen in het sociale domein op te lossen. Sta open voor experimenten met publiek-private samenwerkingen waarbij sociaal durfkapitaal wordt aangewend om de schaarse middelen die er zijn aan te vullen. Resultaten uit het buitenland laten volgens DNA veel successen zien en grote gemeenten in Nederland zijn al gestart met experimenten.

10. OPA
Volgens de nieuwe partij OPA moet de gemeenteraad een effectieve kaderstelling, inhoudelijke toetsing en controle achteraf kunnen uitoefenen op gemeenschappelijke regelingen. De gemeente blijft verantwoordelijk en kan die verantwoordelijkheid niet afschuiven op de gemeenschappelijke regeling. In verband met de effecten van de decentralisatie is hiervoor volgens OPA een aparte wethouder nodig (ook voor vrijwilligers- en mantelzorgbeleid).

Vraag (die je in het stemhokje mag beantwoorden): op welke partij ga je stemmen als je de hierboven behandelde thematiek belangrijk vindt?

Voor wie nadere studie wil maken van de verschillende standpunten volgen hier nog eens de politieke partijen die meedoen aan de raadsverkiezingen in Sittard-Geleen, met hyperlinks naar hun websites: 1. GOB (Geloofwaardig Open Betrouwbaar); 2. CDA; 3. Stadspartij; 4. GroenLinks; 5. PvdA; 6. VVD; 7. D66; 8. SP; 9. DNA Partij; 10. OPA (Ouderen Politiek Actief).

maandag 3 maart 2014

Chemelot Industrial Park en Sint Joep

Op 19 maart 2014 kunnen de inwoners van Sittard-Gelen eerst naar jaarmarkt Sint Joep en dan naar de stembus voor de gemeenteraadsverkiezingen. Lees hoe Sint Joep denkt over Chemelot Industrial Park, tenminste zoals politieke partijen dat verwoorden.


Je gaat toch wel stemmen, hè?!
Ik grijp eerst deze gelegenheid aan een appèl op je te doen om op 19 maart te gaan stemmen. Onze gemeenteraden krijgen de komende jaren veel te verduren, met name als gevolg van de decentralisatie van bepaalde rijkstaken in 2015. Raadsleden zijn gebaat bij een stevig democratisch mandaat. In zekere zin ongeacht voor welke partij zij in de raad zitten. (tweet dit)

Er zijn vele redenen om op een bepaalde partij te stemmen. Lees wat de partijen in Sittard-Geleen met betrekking tot Chemelot Industrial Park in hun verkiezingsprogramma’s schreven; mijn blog van 24 februari 2014 ging over Chemelot Campus.

1. GOB
Volgens coalitiepartij GOB verdient – naast Chemelot Campus – de ontwikkeling van de site extra aandacht. Dit geldt eveneens voor de omgeving van het Chemelot-complex. Het GOB is voorstander van een groene Graetheide en dit geldt ook voor het gebied De Lexhy. Volgens GOB is het verder belangrijk dat over de ontwikkelingen rondom Chemelot intensiever wordt gecommuniceerd met de omwonenden. Onduidelijkheid bevordert onzekerheid en dat leidt bij de inwoners tot een gebrek aan vertrouwen.
De restwarmte van Chemelot en de biomassacentrale kan wat GOB betreft worden ingezet voor bedrijven en woningen indien de business case van Het Groene Net gunstig is.

2. CDA
Coalitiepartij CDA wil een waarborg voor een goede en veilige leefomgeving rond de Chemelot-site.
Het CDA is voorstander van uitbreiding van Het Groene Net.

3. Stadspartij
De Stadspartij – een oppositiepartij – wil een nieuw goederenstation realiseren nabij Holtum-Noord, dus ver weg van de bewoonde omgeving, met directe aansluitingen naar Chemelot, VDL Nedcar en haven Holtum-Noord. Dit station gaat in de optiek van de Stadspartij een cruciale rol vervullen doordat het de splitsing vormt tussen goederen met bestemming Duitsland en met bestemming Frankrijk.

4. GroenLinks
De coalitiepartij GroenLinks wijst erop dat de Westelijke Mijnstreek dicht is bebouwd met zware industrie; Chemelot is hiervan de grootste en heeft dan ook de nodige impact op het milieu en de leefbaarheid in onze gemeente. Volgens GroenLinks is het mede daarom belangrijk om zuinig te zijn op en te investeren in ons groen.
Het Groene Net wordt de komende jaren operationeel om restwarmte van Chemelot en de bestaande biomassacentrale met elkaar te verbinden en beschikbaar te stellen aan huishoudens, instellingen en bedrijven. Als het aan GroenLinks ligt wordt Het Groene Net doorontwikkeld tot een lokaal/regionaal energiebedrijf dat ook actief wordt op het gebied van hernieuwbare energiebronnen. Het Groene Net moet een effectieve katalysator worden op weg naar ‘Sittard-Geleen klimaatneutraal’.
Bedrijven die profiteren van investeringen door de gemeente, zoals Railterminal Chemelot, moeten meebetalen aan de voor hen gunstige infrastructuur (baatbelasting).

5. PvdA
Omwille van het herstel van de groei van economie en werkgelegenheid zet de coalitiepartij PvdA in op het stimuleren van ontwikkelingen op Chemelot Industrial Park. Sittard-Geleen moet doorgaan om (grote) bedrijven in onze regio goed te kunnen laten functioneren.

6. VVD
Ik vond in het verkiezingsprogramma van oppositiepartij VVD geen passages die betrekking hebben op Chemelot Industrial Park.

7. D66
De oppositiepartij D66 wijst op het belang van grote ondernemingen, zoals DSM, SABIC, Lanxess en VDL Nedcar, voor de economie en werkgelegenheid en de (inter)nationale uitstraling van Sittard-Geleen. De gemeente moet randvoorwaarden scheppen voor een goed ondernemersklimaat.
Het Groene Net is een prima voorbeeld van duurzaam energiegebruik. De restwarmte van de biomassacentrale en de industrie op Chemelot gaat hierdoor niet verloren en is beschikbaar voor verwarming.

8. SP
Het transport van gevaarlijke stoffen over het spoor moet volgens oppositiepartij SP zoveel mogelijk worden beperkt. Het Groene Net moet verder worden ontwikkeld.

9. DNA Partij
De nieuwe partij DNA stelt voor om in de binnestad van Geleen een Chemelot-winkel te vestigen. De partij wil ook een technische en chemische speelhoek voor de jeugd in de binnenstad realiseren én een technische en chemische ‘roadshow’ op lagere en middelbare scholen.

10. OPA
Als het aan de nieuwe partij OPA ligt, gaan er alleen nog provinciale en landelijke bijdragen naar Chemelot. OPA wijst erop dat andere gemeenten (dan Sittard-Geleen) niets betalen, dat de bedrijven op Chemelot veel winst maken, dat de personeelstoegangen aan de kant van Stein liggen en dat kleinschalige activiteiten (zoals het leveren van etenswaren) niet gebeuren door bedrijven in Sittard-Geleen. Stop dus met de gemeentelijke sponsoring van Chemelot, is de oproep van OPA. Daardoor komen er volgens deze partij miljoenen beschikbaar voor het mkb.
Vervoer en rangeren met gevaarlijke stoffen dient volgens OPA buiten de bebouwde kom plaats te vinden. Het voornemen om tussen de woonwijken bij station Lutterade (Borrekuil) te rangeren, moet daarom van tafel.
Wat Het Groene Net aangaat: OPA wil ook burgers faciliteren die een bijdrage aan de klimaatdoelstelling leveren.

Vraag (die je in het stemhokje mag beantwoorden): op welke partij ga je stemmen als je Chemelot Industrial Park belangrijk vindt?

Voor wie het fijne wil weten over de verschillende standpunten (ook over heel andere thema’s dan Chemelot Industrial Park) volgt hier nog eens een opsomming van de politieke partijen die meedoen aan de raadsverkiezingen in Sittard-Geleen, met hyperlinks naar hun websites: 1. GOB (Geloofwaardig Open Betrouwbaar); 2. CDA; 3. Stadspartij; 4. GroenLinks; 5. PvdA; 6. VVD; 7. D66; 8. SP; 9. DNA Partij; 10. OPA (Ouderen Politiek Actief).
Voor meer informatie over Chemelot Industrial Park verwijs ik naar www.chemelot.nl.
En klik voor meer informatie over Sint Joep.