maandag 29 april 2013

Willem de Zwijger en ‘vreemde vogels’



Rond de kroning van Koning Willem-Alexander gaan mijn gedachten terug naar zijn illustere voorvader Willem de Zwijger. De Prins stak in 1568 bij Obbicht de Maas over. Met pelikanen in zijn gezelschap. Wat deed die ‘vreemde vogels’ daar?
De meeste mensen kennen de pelikaan van natuurfilms of van Artis. Of uit de titel van de film ‘The Pelican Brief’ (1993) of uit een column van Midas Dekkers. Ik ontdekte enkele plaatsen waar deze ‘vreemde vogel’ opduikt als symbool voor zelfopoffering.

In 1999 werd in Obbicht een monument onthuld waarmee de overtocht van Willem van Oranje over de Maas in 1568 wordt herdacht. Deze overtocht vond plaats tijdens een veldtocht van de Vader des Vaderlands, die het begin van de Tachtigjarige Oorlog markeert. Oranje was nabij Trier met een leger van ruim 30.000 man vertrokken. In de nacht van 4 op 5 oktober, bij helder maanlicht, stak dat leger de Maas over. Dit volgens een methode die al door Julius Ceasar werd toegepast. Een compacte massa ruiterij werd middenin de stroom geplaatst en onder de bescherming daarvan trok het hele leger de rivier over. Daarbij kwam het water de soldaten tot aan de hals. Het nieuws over de overtocht verspreidde zich snel. De Spanjaarden werden bang voor de Prins en spraken de feiten simpelweg tegen. Een burger van Amsterdam werd gegeseld omdat hij het nieuws binnen de stad bracht. De Hertog van Alva riep uit: “Wat, is het leger van de Prins van Oranje dan een vlucht wilde ganzen, dat het over de Maas zou kunnen vliegen?” Maar het was waar. De Prins stond met zijn leger bij de Spaanse hertog 'in de achtertuin'. Zijn vaandels droegen de leuze “pro Lege, Rege, Grege” (voor de wet, de Koning en het volk). Op sommige vaandels prijkte een pelikaan die de borst openscheurt om de jongen te voeden met haar eigen bloed.

De pelikaan dus als het symbool van zelfopoffering door de Prins van Oranje ten behoeve van de bevolking van de Lage Landen. Maar deze vogel is ook een symbool in de christelijke betekenis, want de Tachtigjarige Oorlog was een strijd om godsdienstvrijheid.

De pelikaan zit ook in het zegel van de (voormalige) Hervormde kerk van Sittard, die stamt uit 1616. In dat jaar stond de Tachtigjarige Oorlog ‘op hold’ (Twaalfjarig Bestand). We zien een pelikaan op een nest met jongen. De vogel voedt ze door bij zichzelf vlees uit de borst te pikken. Op het zegel vinden we het randschrift: ‘Vita In Me. Mors In Me.’ “In mij het leven, in mij de dood.” De pelikaan wordt (ook) hier gebruikt als symbool voor Jezus Christus.

Verder kwam ik de pelikaan tegen bij de Katharen. Zij vormden in de Middeleeuwen een ketterse beweging in Zuid-Europa. Sommigen van hen kwamen op de brandstapel terecht. In het katharendorp Montaillou deed de volgende mythe de ronde. ‘Er bestaat een vogel die pelikaan genoemd wordt: zijn veren schitteren als de zon. En hij volgt de zon ook altijd. Deze pelikaan had jongen. Hij liet ze in het nest om beter de zon te kunnen volgen. Toen hij weg was, drong een wild beest het nest binnen en rukte pootjes, vleugels en snavel van de jongen af. Toen dit een aantal malen was voorgevallen, besloot de pelikaan zijn stralende uiterlijk te verbergen, zich tussen zijn kleintjes te verstoppen en het beest te verrassen om het te doden, als het weer naar zijn nest zou komen. Dit gebeurde. Op slag werden de kleine pelikanen bevrijd. Evenzo (en nu kwam er een kathaarse draai aan het verhaal) verborg Christus zijn stralende aanschijn bij zijn vleeswording in de Maagd Maria; zo kon hij de slechte God gevangen nemen en hem opsluiten in de duisternis van de hel. En zo hield de slechte God op de schepselen van de goede God te vernietigen.’

Vraag: Ken je andere plaatsen waar de pelikaan als symbool wordt gebruikt? Welke andere opmerkelijke symbolen ken je? En wie wil weten hoe de veldtocht van Willem de Zwijger afliep?

Dit bericht is een bewerking van twee artikelen die in 1998 en 1999 verschenen in "Gaandeweg: Informatieblad van de Protestantse Gemeente Sittard" (inmiddels Sittard-Grevenbicht).

Mijn bronnen:
Over de overtocht van Maas: John Lothrop Motley, ‘Willem van Oranje – Strijder voor de vrijheid’ (vertaling 1948)
Over de Katharen: Emmanuel Le Roy Ladurie, ‘Montaillou, een ketters dorp in de Pyreneeën, 1294-1324’ (1984).

maandag 22 april 2013

De krant is een meneer, Twitter is een krantenjongen



Iemand zei ooit: “De krant is een meneer.” Hij komt dagelijks bij je op bezoek met z’n eigen karakter en (deftige) stijl. In die vergelijking is Twitter een krantenjongen. Ook die brengt nieuws rond, met z’n eigen karakter en (frivole) stijl. In dit bericht een aanmoediging om voor het volgen van het nieuws Twitter te gebruiken (vooral voor beginners).

Waarom Twitter
Er zijn verschillende redenen om Twitter te gebruiken:

1. Voor het lezen van (nieuws)berichten (het volgen van organisaties)
2. Voor het lezen van tweets van anderen (het volgen van personen)
3. Voor het publiceren van eigen berichten (tweeten)
4. Voor het doorsturen en beantwoorden van berichten van anderen (retweeten)
5. Voor meer geavanceerde functies.

Het lezen van nieuwsberichten is een goede reden om met Twitter te beginnen, de rest komt later - als je wilt.

Inschrijven bij Twitter
Eerst moet je een eigen Twitter-account aanvragen. Dat is eenvoudig te regelen, maar toch geef ik een paar tips.

Stap 1: Inschrijven voor Twitter. Ga naar www.twitter.com. Daar staat een schermpje “New to Twitter? Sign up”. In het veld ‘Full name’ vul je je naam in (in mijn geval “Klaas Bos”), of – als je prijsstelt op je anonimiteit – een soort code. In het veld ‘Email’ vul je je e-mailadres in. Twitter stuurt bevestigingsmails naar dit adres, maar wees gerust: je mailbox zal er niet van overlopen. Bij ‘Password’ vul je een zelfgekozen wachtwoord in (vergeet niet dat ergens te noteren).

Stap 2. Overige gegevens. Bij het vervolg van de aanmelding wordt gevraagd naar je “Username” (“handle” in Twitter-taal, in mijn geval Klaas_Bos). Een goed herkenbare gebruikersnaam is aan te bevelen, of gebruik ook hier een soort code als je prijsstelt op je anonimiteit. Pas op, de Twitter-handle moet uniek zijn (wat niet geldt voor je ‘Full name’), is niet meer te wijzigen en is liefst zo kort mogelijk (de reden leg ik nog wel eens uit). Sommigen met een veel voorkomende naam voegen aan hun gebruikersnaam hun geboortejaar toe. Overige zaken, zoals je foto, header, locatie, website, bio en achtergrond, kun je altijd nog invullen of aanpassen.

Stap 3: Twitteraars volgen. Al bij het inschrijven krijg je suggesties om bepaalde (beroemde) personen te volgen. Sla dit over of kies willekeurig enkele (je kunt ze makkelijk genoeg ‘ontvolgen’).

Stap 4: Installeer de Twitter-app. Installeer nu de gratis Twitter-app op je smartphone (houd je “Username” en wachtwoord bij de hand). Het meeste plezier heb je namelijk van Twitter als je dit op je smartphone en/of tablet installeert.

Twitter als krantenjongen
Nu is er nog één ding nodig om nieuwsberichten te kunnen lezen: het volgen van de juiste Twitter-accounts. Welke dat zijn hangt af van je wensen. Zelf volg ik bijvoorbeeld “NOS Teletekst” (@Teletekst). Elk bericht op Teletekst-pagina 101 ontvang ik als tweet. Als je werkzoekend bent kun je bijvoorbeeld kiezen voor “Monsterboard.nl jobs” (@MonsterBanen). Nieuwe vacatures ontvang je zo als tweet. Als je de nieuwste TED-lezingen wilt bekijken, volg je “TEDTalks Update" (@tedtalks).

In de Twitter-app open je het zoekscherm via het vergrootglas (de optie rechtsboven in de iPhone-app). Zoek de gewenste dienst (bv. “Teletekst”) en klik op het gewenste resultaat. Je komt in het startscherm van het betreffende Twitter-account en klikt daar “Volg” (of ‘”Volgend” als je wilt ‘ontvolgen’).
Ga nu naar je “Startpagina” (optie linksonder). Tweets die zijn gepubliceerd nadat je bent gaan volgen verschijnen daar in je ‘tijdslijn’. Het aantal tweets in je tijdslijn hangt af van de activiteit van de bronnen die je volgt.

Ga er maar eens mee aan de slag, het is eenvoudiger dan je denkt. En: je hoeft zelf geen enkele tweet te publiceren. Door de juiste Twitter-accounts te volgen, worden andere bronnen (in mijn geval de Teletekst- en TED-apps) praktisch overbodig. Je bundelt je nieuwsvoorziening in je Twitter-tijdslijn.

Op andere redenen om Twitter te gebruiken kom ik graag terug in een volgende bericht.

Tenslotte: ik vind niet dat Twitter een vervanger is van de krant, want daarin vind je (ook) verdieping en duiding van het dagelijks nieuws. Dat vind je minder snel op Twitter.

Vraag: Is Twitter voor jou ook een ‘krantenjongen’? Is de beschrijving hierboven duidelijk? Graag licht ik zaken nader toe.

maandag 15 april 2013

Oorlog en vrede

Hebben boeken invloed op je leven, je mening, je gevoelens? Boeken waarmee je tijdens je jeugd vertrouwd raakte of die die je onlangs las? Graag deel ik het effect op mijn gevoelens van enkele boeken die ik onlangs las, met als thema: oorlogsgeweld.
Ik zal ze als een menu opdienen.


Amuse
Eerst las ik “Congo: een geschiedenis” door David van Reybrouck (2010). Van Reybrouck beschrijft op schitterende wijze hoe een groot Afrikaans land te gronde gaat, het gaat daar van kwaad naar erger. De ene geweldsgolf volgde op de andere – tot op de dag van heden. Dit zette de toon voor de boeken die volgden.

Voorgerecht
Kort daarna begon ik aan “Met alle geweld: een filosofische zoektocht” (2008). Filosoof Hans Achterhuis behandelt hierin alle denkbare vormen van geweld. Ik lees Achterhuis graag, want hij doet dat op een manier, die ik kan volgen. Hij gaat onder andere in op oorlogsgeweld, het geweld van de staat, terrorisme, foltering en genocide. Het is ronduit schokkend als je beseft wat mensen elkaar kunnen aandoen, en hoe men dat goedpraat. Een paragraaf over oorlogsgeweld begint met een citaat uit “Oorlog en vrede” van Tolstoj.

Tussengerecht
Voordat ik daaraan begon, las ik “Collapse: How Societies Choose to Fail or Succeed” door Jared Diamond (2005, “Ondergang”). Hij beschrijft hoe oude beschavingen, zoals die op Paaseiland en Groenland, te gronde gingen. Als een samenleving onder druk komt te staan, wordt het dagelijks leven steeds meer bepaald door onderling geweld of geweld van buitenaf.

Hoofdgerecht
Als ik niet toevallig de hand had weten te leggen op “Oorlog en vrede” (1868), was ik er zeker niet aan begonnen. Het is een lang verhaal. Toch werd ik erin gezogen. Leo N. Tolstoj combineert op fantastische wijze waarheid en fictie. De roman bestrijkt de jaren 1806-1813: Rusland staat op voet van oorlog met het Frankrijk van Napoleon. In 1806 krijgt Rusland ‘een draai om de oren’ in de slag bij Austerlitz. In 1812 begint Napoleon aan zijn veldtocht naar Rusland en niet ver van Moskou komt het tot de slag bij Borodino. Dit was één grote moordpartij, waarschijnlijk de grootste in de geschiedenis tot dan toe! De verliezen liepen op tot tenminste 70.000 doden op één dag. Dan volgt de verwoestende brand van Moskou en Napoleon’s terugtocht over de moordende ijsvlaktes. Tolstoj beschrijft dit alles aan de hand van de lotgevallen van zijn personages – en zo komt die geschiedenis van tweehonderd jaar geleden heel dichtbij. Tolstoj greep terug op zijn eigen ervaringen tijdens de Krimoorlog (1853-1856). Een oorlog – welke oorlog dan ook – is een uitgesproken vorm van pervers geweld.

Dessert
Om dichterbij de persoon van Napoleon te komen, dook ik in "Napoleon: historie en legende” door de historicus Jacques Presser. Presser legt uit hoe Napoleon op ingenieuze wijze (en met opmerkelijk succes) tot aan zijn dood (in 1821) toe blijft schuren en schaven aan zijn legende. Het is schokkend dat Napoleon zich bij tenminste twee gelegenheden uit de voeten maakte om zijn hachje te redden, daarbij zijn leger aan de genade van de vijand overlatend. De eerste keer beëindigde hij op die manier zijn expeditie naar Egypte (1798). De tweede keer reisde hij na het oversteken van de Berezina (1812), waar van de 900.000 manschappen waarmee hij de veldtocht begon slechts 25.000 de oversteek maakten, zo snel mogelijk door naar Parijs en verklaarde daar: “Ik heb me nooit beter gevoeld.”

Digestief
Het thema 'Napoleon' werd door mij afgerond met een lezing door Joost Welten, schrijver van “In dienst van Napoleons Europese droom” (2007) - genoeg oorlogsgeweld nu. Tijdens een recente bijeenkomst van het Limburgs Geschied- en Oudheidkundig Genootschap (kring Sittard) vertelde Welten hoe Limburgse jongemannen geen andere keuze werd gelaten dan mee te gaan in het leger van Napoleon (de conscriptie) en hoe ze uit de veldslagen terugkwamen. Opmerkelijk is dat veel van de overlevenden blijkbaar trots waren op hun ervaringen en op de medaille die ze ervoor kregen.

Natafelen
…En dan zet je ’s avonds de tv aan en je valt middenin een actiefilm. Er vallen doden: mensen van vlees en bloed worden in feite standrechtelijk geëxecuteerd. Zonder scrupules, zonder spijt. De meeste kijkers vinden dit normaal, want dat hoort bij het verhaal hoe ook “de slechterik” gedood wordt. "The End." Ik ervaar het na lezing van al die boeken als schokkend, vind het niet langer normaal. Ik kan het eigenlijk niet langer aanzien. De maaltijd van zojuist ligt nog te zwaar op mijn maag (tweet dit).

Vraag: welke boeken hebben een grote invloed gehad op de manier waarop jij naar de wereld kijkt? Beveel je die boeken aan?

maandag 8 april 2013

Ik zie geen problemen, alleen uitdagingen

Dit horen we vaak zeggen. We houden immers niet van problemen en hebben het liever over uitdagingen. Maar wie van elk probleem een uitdaging maakt omdat dit beter aanvoelt, houdt zichzelf voor de gek. Want er zijn wel degelijk verschillen.


Een uitdaging is volgens mij een opgave die je ZELF kiest (ook al heeft een ander je daartoe gestimuleerd) en waar je met plezier je energie in steekt.
Een probleem is een opgave waar iets buiten jezelf je mee opzadelt (of waartoe je jezelf in de nesten hebt gewerkt). Je had er uit vrije wil geen energie in gestoken. Een probleem geeft vaak ellende, vandaar dat we ons prettiger voelen bij een uitdaging.
Uitdagingen kun je uit de weg gaan, maar problemen dringen zich aan je op (tweet dit).

Aangezien we zelf ons leven willen bepalen, hebben we ’t niet graag over onze problemen. Liever spreken we over uitdagingen. Een probleem een uitdaging noemen is dus eufemistisch taalgebruik: doen alsof je zelf voor een opgave hebt gekozen ("we zullen 't wel 'ns eventjes fixen"). Uitdagingen kun je uit de weg gaan, maar problemen dringen zich onvermijdelijk aan je op.

Zo is het beklimmen van een berg per fiets een uitdaging: niemand die je daartoe dwingt en het bereiken van de top geeft voldoening. Een lekke band onderweg is echter een probleem: je moet iets doen om die ellende op te lossen. Dit is een typisch voorbeeld dat een ordeverschil veronderstelt: je moet eerst problemen oplossen om je uitdaging tot een goed eind te brengen.

We zien dat ook in het groot: de zgn. Grand Challenges (*) zijn uitdagingen, maar het oplossen ervan stelt ons voor grote problemen. Ook hier is m.i. sprake van eufemistisch taalgebruik. Want in de Grand Challenges zou niemand energie willen steken, als het uiteindelijk niet evenzoveel problemen zouden zijn die schreeuwen om een oplossing. De Grand Challenges zijn dus feitelijk Big Problems.

Een uitdaging heeft iets egoïstisch indien deze betrekking heeft op je eigen zelfontplooiing. Een uitdaging kan ook een opgave inhouden om anderen met hun problemen te helpen en dan heeft het iets nobels. Als het oplossen van andermans problemen te zeer ten koste gaat van jezelf, kun je je afvragen of je op de goede weg bent en hoe lang je dat volhoudt.

Anderen kunnen bijdragen aan jouw uitdaging, maar je moet (wilt) het uiteindelijk zelf doen. Anderen kunnen wel jouw probleem (volledig) oplossen of wegnemen, zelfs zonder dat jij er iets aan bijdraagt.

Tenslotte: als je problemen uitdagingen noemt en je dat een goed gevoel geeft, prima, ik wil niemand z'n plezier ontnemen. Maar zowel voor problemen als uitdagingen geldt: denk in oplossingen!

Vraag: heb je voorbeelden van uitdagingen en problemen die passen bij mijn beschrijving? En moet je eerst je problemen oplossen voordat je uberhaupt uitdagingen kunt aangaan?

(*) De Grand Challenges volgens de Europese Commissie (Horizon 2020):
  • Gezondheid, demografische veranderingen en welzijn
  • Voedselveiligheid, duurzame landbouw, maritiem onderzoek en de bio-economie
  • Veilige, schone en efficiënte energie
  • Slim, groen en geïntegreerd transport
  • Klimaatactie, efficiënt gebruik van natuurlijke hulpbronnen en grondstoffen
  • Inclusieve, innovatieve en veilige samenlevingen.

dinsdag 2 april 2013

Waarom een disclaimer voor sociale media?

Iemand reageerde verbaasd op mijn vorige blog "Disclaimer bij mijn blog", alsof ik grote problemen zou hebben met mijn activiteiten op sociale netwerken. Wees gerust: echt niet! Maar waarom is zo'n disclaimer eigenlijk nodig?

Je kunt die noodzaak – of op z'n minst: wenselijkheid – van twee kanten bekijken: 1. de werknemer en 2. de werkgever.


1. Werknemer en sociale media:
We leven in een soort contractsamenleving, waarin steeds meer relaties formeel, in contracten, worden vastgelegd. En als het mis gaat, wacht soms de gang naar de rechter, althans die kant lijkt het op te gaan. Je leest bijvoorbeeld over letselschadeadvocaten. En zoals ze in Amerika zeggen: "I sue you". Een disclaimer werkt als een soort verzekeringspolis. Wees voorbereid, en zoveel moeite kost het niet! Je kunt mijn disclaimer gewoon overnemen.

Daarnaast zijn er nog wat overwegingen die een disclaimer wenselijk maken:
- vrijheid van meningsuiting, zonder dat ik rekening hoef te houden met de standpunten van mijn werkgever
- privé en werk lopen steeds meer door elkaar, ook (of: vooral) op sociale media
- ik wil geen gezeur met mijn werkgever als ik onverhoopt een scheve schaats rijd met een blog, tweet of post.
Een disclaimer is geen excuus om alles maar te bloggen, tweeten, posten. Gebruik de Gouden Regel: wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander (je werkgever) niet!

2. Werkgever en sociale media:
Werkgevers doen er volgens mij goed aan om hun medewerkers te verzoeken om een disclaimer op te nemen. Juist omdat werk en privé zo dooreenlopen, kan de buitenwereld snel concluderen dat standpunten van werknemers die van het bedrijf zijn. De buitenwereld kan in verwarring raken als informatie niet op één lijn zit. Een disclaimer van de werknemer maakt diens standpunt tot niet meer dan een persoonlijke opvatting.
Daarbij is het aan te bevelen om (nieuwe) medewerkers te instrueren over de manier waarop zij met bedrijfsinformatie dienen om te gaan. Wat is bedrijfsgeheim, wat is vertrouwelijk? Wat spreken we bijvoorbeeld af over foto's die in de bedrijfsomgeving worden genomen? Formuleer een geheimhoudingsverklaring en laat die door alle medewerkers ondertekenen!

Tenslotte: het is niet mijn bedoeling om met mijn werkgever van mening te verschillen of te polemiseren, integendeel. En wie een disclaimer voor zichzelf overdreven vindt, laat 'm fijn achterwege.

Mijn vraag: is een disclaimer bij een blog of een ander sociaal netwerk zinvol?